020 530 0160

Het EU-consumentenrecht gemoderniseerd: nieuwe verplichtingen voor online marktplaatsen

Gepubliceerd op 15 februari 2021 categorieën 

Op 27 november 2019 heeft de Europese Unie de moderniseringsrichtlijn aangenomen. De richtlijn beoogt het Europese consumentenrecht te moderniseren en de consument beter te beschermen in het digitale domein. Naast verplichtingen voor (online) handelaren kent de richtlijn ook een aantal nieuwe informatieverplichtingen voor online marktplaatsen. In dit blog bespreek ik een aantal van deze verplichtingen.


Online marktplaatsen zijn populair bij de consument omdat deze een groot en divers aanbod van producten en diensten op overzichtelijke wijze bijeenbrengen. In hun rol als (neutrale) tussenpersoon kunnen online marktplaatsen zich echter vaak onttrekken aan de toepasselijke consumentenwetgeving.

Met de moderniseringsrichtlijn gaat dit deels veranderen.

Definitie “Onlinemarktplaats”

De aanbieder van een online marktplaats moet daarvoor eerst onder de wettelijke definitie vallen. De verouderde definitie van een “onlinemarktplaats” is daarom herzien en technologisch neutraler gemaakt. Bij een online marktplaats wordt nu niet meer uitsluitend verwezen naar “een website”, maar naar:

“een dienst die gebruikmaakt van software, met inbegrip van een website, een deel van een website of een door of namens de handelaar beheerde applicatie, in overeenstemming met het begrip online-interface”.

De reikwijdte van de definitie is daarmee aanzienlijk verbreed.

Informatieplicht: identiteit verkoper

Verkoopplatforms, waaronder Marktplaats en EBay, geven enkel het aanbod weer van derde verkopers. Webwinkels als Amazon, Bol.com en AliExpress bieden daarentegen, naast een verkoopplatform waar externe verkopers hun producten kunnen verkopen, ook hun eigen assortiment aan. Dat leidt nog wel eens tot verwarring bij de consument: Heeft hij het product nou bij Bol.com gekocht of bij een andere verkoper? Dit is een relevante vraag als de consument het product bijvoorbeeld binnen de wettelijke bedenktijd wil retourneren.

Om dit te voorkomen verplicht de nieuwe richtlijn de online marktplaats om consumenten op ‘begrijpelijke en duidelijke wijze’ te informeren over de identiteit van de verkoper: Is dit de webwinkel zelf, een derde handelaar of een andere consument. In het geval van een consument zal de online marktplaats ook moeten informeren dat de aanvullende consumentenbescherming in die verhouding (Consumer-to-Consumer) niet van toepassing is. Een beroep op de wettelijke bedenktijd is dan dus niet mogelijk.

De informatie over de identiteit van de verkoper mag niet worden weggestopt in de algemene voorwaarden, maar moet uit de concrete aanbieding blijken. Het niet voldoen aan deze informatieplicht kwalificeert voortaan als een misleidende handelspraktijk en is dus onrechtmatig. Het online platform mag daarbij overigens wel afgaan op de mededeling van de derde. Als deze derde aangeeft verkoper te zijn, hoeft het online platform dit dus niet te verifiëren. 

Informatieplicht: weergave en rangschikking zoekresultaten

De nieuwe richtlijn verplicht de aanbieder van de online marktplaats ook op ‘duidelijke en begrijpelijke wijze’ te informeren over de rangschikking van zoekresultaten. De consument krijgt zo meer inzicht in de reden waarom hij bepaalde commerciële aanbiedingen ziet.

Concreet betekent dit dat de aanbieder de consument moet informeren over de belangrijkste parameters die de rangschikking bij een zoekopdracht bepalen. Ook moet het relatieve belang van deze parameters ten opzichte van andere parameters worden beschreven. Deze informatieplicht reikt echter weer niet zover dat de aanbieder zijn algoritme moet openbaren. Verder hoeft de beschrijving niet te zien op elke individuele zoekopdracht afzonderlijk. Een algemene omschrijving van de parameters die makkelijk vindbaar is via de webpagina/applicatie volstaat. Deze informatieplicht gold op grond van de P2B-Verordening al voor platforms in verhouding tot hun zakelijke aanbieders, maar nog niet in de verhouding tot de consument.

De aard van gesponsorde aanbiedingen moet tot slot wel direct zichtbaar zijn bij het betreffende zoekresultaat. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een tekstbalk met “Spon”.

Informatieplicht: aanbevelingen en reviews

De Europese wetgever signaleerde verder dat productreviews veel invloed hebben op de aankoopbeslissing van de consument. Bij gebruik van consumentenbeoordelingen moet de aanbieder voortaan informeren of zij nagaat of de gepubliceerde beoordelingen afkomstig zijn van consumenten die de producten hebben gebruikt of gekocht. Als dit zo is moet het platform ook informatie verstrekken over de controlemechanismen en de verwerkingswijze van de beoordelingen.

Tot slot verbiedt de richtlijn ook voor online marktplaatsen het delen van valse consumentenbeoordelingen en –aanbevelingen. Als voorbeeld noemt de Europese wetgever het (laten) plaatsen van “likes” op de sociale media. In Nederland treedt de Autoriteit Consument & Markt (ACM) overigens al op tegen valse consumentenbeoordelingen. In januari legde de ACM een webshop van een bekende influencer een dwansom tot maximaal € 100.000 op wegens het gebruik van neplikes en nepvolgers op de sociale media.

Implementatie richtlijn

In Nederland is het implementatiewetsvoorstel al gepubliceerd en ter consultatie voorgelegd (zie hier). De verwachting is dat het wetsvoorstel ergens in het derde kwartaal van 2021 wordt aangenomen. De Europese lidstaten hebben tot 28 november 2021 om de richtlijn om te zetten naar nationaal recht. Vanaf 28 mei 2022 zal de wetgeving ook daadwerkelijk toegepast moeten worden binnen de Europese Unie.  

Deel:

auteur

Jesse

publicaties

Gerelateerde artikelen