020 530 0160

Kamerbrief: eigendom van persoonsgegevens in de wet?

Gepubliceerd op 17 juni 2020 categorieën ,

De overheid verwerkt persoonsgegevens van iedereen in Nederland. Gemeenten houden bijvoorbeeld persoonsgegevens van burgers bij in de Basisregistratie Personen (BRP). Wanneer iemand trouwt, een kind krijgt of verhuist, legt de gemeente dit vast.Het recht worstelt met het fenomeen data. Zo is er vaak onenigheid over de vraag wie nu eigenlijk ‘eigenaar’ is van bepaalde (persoons)gegevens. Staatssecretaris Knops heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over een mogelijk in het Burgerlijk Wetboek (BW) te regelen eigenaarschap van de burger van zijn persoonsgegevens bij de overheid. Is dit dé oplossing?

Zeggenschap over eigen persoonsgegevens

Onder de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) hebben burgers meerdere rechten om invloed uit te kunnen oefenen op de verwerking van hun persoonsgegevens. Burgers hebben bijvoorbeeld het recht op inzage in eigen persoonsgegeven en het recht op correctie van onjuiste/onvolledige gegevens. Eigendom van persoonsgegevens hangt voor de burger veelal samen met deze zeggenschap. De inzet van staatssecretaris Knops is dan ook om hem of haar zoveel mogelijk zeggenschap over die gegevens te geven.

Een aandachtspunt is dat deze zeggenschap niet onbegrensd is of kan zijn. Dat de burger geen volledige zeggenschap heeft, hangt er in de eerste plaats mee samen dat de overheid die gegevens nodig heeft voor de uitvoering van haar wettelijke taken. De overheid moet over voldoende waarborgen beschikken dat die gegevens juist, actueel, beschikbaar en betrouwbaar zijn. Om die reden kan een burger de overheid bijvoorbeeld niet verbieden om zijn of haar naam, adres en geboortedatum vast te leggen. Alleen als zulke gegevens onjuist geadministreerd of feitelijk gewijzigd zijn, kan het worden gecorrigeerd.

Eigendom op persoonsgegevens

Op dit moment is er geen juridisch eigendom van persoonsgegevens, omdat het eigendomsrecht daar niet op is toegespitst. De wet bepaalt dat eigendom het meest omvattende recht is dat een persoon op een zaak kan hebben. En zaken zijn de voor menselijke beheersing vatbare stoffen. Voor de hand liggende voorbeelden van zaken zijn een stoel, een huis of een stuk grond. Persoonsgegevens zijn geen zaak en vallen dus niet onder dit begrip.

Staatssecretaris Knops wijst erop dat het logisch lijkt om de burger te beschouwen als eigenaar van de persoonsgegevens. De gegevens gaan immers over hem of haar zelf. Het is volgens de staatssecretaris  echter geen goed idee om juridisch eigendom van persoonsgegevens mogelijk te maken. Dit heeft er onder meer mee te maken dat de zeggenschap over de eigen gegevens niet onbegrensd kan zijn.

Het is veel beter om de rechten en plichten van de persoonsgegevens van een burger zo veel mogelijk op een andere manier te beschermen, aldus de staatssecretaris. Dit is bijvoorbeeld mogelijk middels het in de AVG opgenomen recht op inzage en van correctie. In de beleidsbrief Regie op Gegevens worden de in de AVG vastgelegde rechten en plichten nader ingevuld en uitgebreid. Niet alleen ten aanzien van inzage en correctie, maar ook eenmalige verstrekking van gegevens, en het digitaal kunnen delen van de eigen gegevens bij de overheid met derden.

Deel:

publicaties

Gerelateerde artikelen