020 530 0160

Data in de strijd tegen corona – telecomdata en de tracing app

Gepubliceerd op 3 juni 2020 categorieën , , , ,

Kort nadat de eerste corona besmettingen in Europa werden geregistreerd, laaide de discussie op over het gebruik van data in de strijd tegen corona. Aanvankelijk ging dit vooral over het gebruik van telecommunicatiedata om verspreiding van het coronavirus in kaart te brengen, later volgde de roep om een contact tracing app. Inmiddels zijn we allemaal getuige geweest van de in allerijl georganiseerde appathon, waarbij geen van de zeven deelnemende tracing apps bleken te kunnen voldoen aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Anonimiteit was niet gegarandeerd, het risico op vals-positieven niet weggenomen, bluetooth bleek niet feilloos en bovendien werd een datalek gevonden bij een van de apps uit de voorselectie.

De afgelopen week was zowel het gebruik van telecommunicatiedata als de ontwikkeling van de tracing app weer terug in het nieuws. De belangrijkste boodschap: met de juiste waarborgen en zonder overhaaste beslissingen zijn technologie en data een uitstekend hulpmiddel in de strijd tegen corona. Het recht op privacy staat niet in de weg aan goede (preventieve) gezondheidszorg. Het geeft een kader waarbinnen goede en doordachte technieken kunnen worden ingezet.

Telecomdata

Eind maart vroeg EU-commissaris Thierry Breton (interne markt) Europese telecombedrijven om geanonimiseerde gegevens van mobiele telefoons te delen. Breton meent dat deze telecomdata nodig zijn om patronen van de uitbraak te analyseren. In verschillende lidstaten, waaronder Italië, Oostenrijk en Duitsland deelden telecomproviders al geanonimiseerde data met gezondheidsinstanties.

Op grond van de Telecommunicatiewet mogen telecomdata alleen worden verwerkt wanneer persoonsgegevens volledig anoniem zijn of wanneer vooraf toestemming is gegeven voor de (verdere) verwerking daarvan. Volgens de AP kan telecomdata weliswaar geaggregeerd worden, maar kan de verwerking niet volledig anoniem plaatsvinden. Aangezien toestemming geen haalbare kaart is, zou telecomdata alleen mogen worden gedeeld met een noodwet die voldoende waarborgen bevat voor de privacy van betrokkenen.

Het kabinet is vervolgens aan de slag gegaan met een tijdelijke noodwet. Deze noodwet moet het mogelijk maken om bij te houden hoeveel mobiele telefoons zich per uur in een gebied bevinden, met daarbij informatie over de herkomst van die telefoons. Dat laatste baseert de telecomaanbieder op informatie over waar het apparaat het grootste deel van de tijd is. De gegevens worden doorgegeven aan het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) die op instructie van het RIVM rapporten maakt. Het RIVM kan met deze informatie de verspreiding van het virus monitoren en bij een toename van besmettingen in een bepaald gebied direct de regionale GGD waarschuwen. Met de informatie kunnen maatregelen tijdig worden bijgesteld. De data die via het CBS aan het RIVM beschikbaar worden gesteld zijn niet herleidbaar tot een individu. Om privacy van betrokkene in dun bevolkte gebieden te waarborgen, worden alleen aantallen vanaf 15 personen gerapporteerd.

De tijdelijke noodwet is verbonden aan de bestrijding van het coronavirus en vervalt na een jaar. Ieder half jaar wordt het nut en de noodzaak van de noodwet geëvalueerd in de Tweede Kamer. Wanneer blijkt dat het na een jaar nog steeds nodig is om telecomdata te verwerken, kan de noodwet bij koninklijk besluit voor periodes van steeds twee maanden worden verlengd.

Het eerste voorstel voor de tijdelijke noodwet is op 19 mei 2020 door de AP beoordeeld en de AP heeft een advies met aanbevelingen aan het kabinet uitgebracht. De AP heeft hierin laten weten dat het delen van telecomdata een zeer ingrijpende maatregel is, waarover betrokkenen geen eigen keuze kunnen maken. De noodzaak hiervoor was in het eerste wetsvoorstel nog onvoldoende onderbouwd. Ook ontbraken volgens de AP belangrijke waarborgen zoals een specifiek doel, dataminimalisatie, informatievoorziening richting betrokkenen en een eenduidige maximale bewaartermijn. Na het verwerken van het advies van de AP en positief advies van de Raad van State heeft het kabinet op 29 mei 2020 de tijdelijke noodwet, de Tijdelijke wet informatieverstrekking RIVM i.v.m. Covid-19, ingediend bij de Tweede Kamer.

Tracing app

Afgelopen week was niet alleen de week van de telecomdata, maar ook zijn er stappen gemaakt richting een nieuwe en evenwichtige(re) versie van de contact tracing app. Na de vermaledijde appathon heeft het ministerie van Volksgezondheid geconcludeerd dat de tracing app, of notificatie app zoals het ministerie het nu noemt, epidemiologisch sterker moet worden onderbouwd en onderzocht. Op basis daarvan moet de technologie opnieuw worden doordacht. Het ministerie van Volksgezondheid werkt nu aan een prototype van de notificatie app met IT experts van binnen en buiten de overheid.

Een eerste opzet van de notificatie app is verschenen op de platformen voor softwareontwikkelaars Github en Figma. Dit geeft vast een voorproefje van hoe de app er mogelijk uit gaat zien. De makers vragen het publiek om mee te denken over de notificatieapp en via een Slack-kanaal van het ministerie van Volksgezondheid feedback te geven voor de volgende versie.

De notificatieapp is bedoeld om GGD’s te ondersteunen bij het uitvoeren van contactonderzoek. Wanneer een grote groep mensen gebruik maakt van de notificatie app kunnen mensen die mogelijk besmet zijn vroegtijdig worden opgespoord, getest, in quarantaine worden geplaatst en indien nodig worden behandeld.

De notificatieapp werkt met lokaal opgeslagen data en bluetooth. Iedere keer als je smartphone in de buurt komt van een andere smartphone, wisselen de apparaten unieke ID’s uit. Dagelijks haalt je smartphone de ID’s op van mensen die in jouw regio positief zijn getest op Covid-19. Als een van die ID’s overeenkomst met de ID’s die op jouw telefoon staan, betekent dit dat je bij een besmet persoon in de buurt bent geweest en krijg je een melding in je app met informatie over wat je moet doen. Om een notificatie te krijgen moet je ten minste tien minuten in de buurt van iemand zijn geweest waarvan is vastgesteld dat die besmet is met het coronavirus. De ID’s worden 14 dagen bewaard.

De notificatie app maakt gebruik van de contactonderzoek API die Apple en Google gezamenlijk hebben ontwikkeld voor apps van officiële gezondheidsorganisaties en overheidsorganen. Op 20 mei 2020 is een update voor de iPhone verschenen, iOS 13.5 die helemaal klaar is voor de notificatie app. In de instellingen kun je, als de notificatie app er is, de optie ‘Blootstelling aan COVID-19’ aanzetten. Deze functionaliteit staat standaard uitgeschakeld.

Deel:

publicaties

Gerelateerde artikelen