NL EN
  • Home»
  • Weblog »
  • Leen Bakker Actie te mooi om waar te zijn

Leen Bakker Actie te mooi om waar te zijn

Zo nu en dan verschijnen er van die aanbiedingen die je als consument niet kan laten schieten. Neem de Leen Bakker actie waarbij hoogslapers voor slechts € 24,- en € 85,34 worden aangeboden. Dat is een korting die oploopt tot 92%!

In het weekend dat de actie op de website van Leen Bakker stond zijn meer dan 60.000 van deze hoogslapers besteld. Leen Bakker heeft vervolgens de aanbieding verwijderd. Volgens Leen Bakker hebben de consumenten geen recht op de hoogslapers voor voornoemde prijzen, omdat er sprake is van een fout in het systeem. Leen Bakker heeft nooit de bedoeling gehad om de hoogslapers voor zo’n lage prijs aan te bieden.

De Stichting Aliter Melius Consumentenbelangen meent dat er wel een koopovereenkomst tussen de consumenten en Leen Bakker tot stand is gekomen. Leen Bakker heeft op haar website een aanbod gedaan en de consumenten hebben dat aanvaard. De stichting eist daarom in kort geding nakoming van de koopovereenkomst.  

De voorzieningenrechter overweegt dat een koopovereenkomst tot stand komt door een aanbod en de aanvaarding daarvan. Er is pas sprake van een geldig aanbod als de wil en de verklaring van de aanbieder (Leen Bakker) met elkaar overeenstemmen. Als Leen Bakker niet de wil heeft om de hoogslapers voor € 24,- en € 85,34 te verkopen, kan het toch zo zijn dat Leen Bakker aan de advertentie gebonden is. Er is dan vereist dat de consument op het moment dat hij de bestelling via internet plaatste er redelijkerwijs van uit mocht gaan dat de prijzen juist waren (gerechtvaardigd vertrouwen).

Volgens de voorzieningenrechter heeft Leen Bakker voldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van een vergissing. Ook de consument moet in de gegeven omstandigheden begrijpen dat er sprake is van een vergissing. Van een consument die van plan is om via internet een hoogslaper te kopen, mag namelijk verwacht worden dat deze zich van tevoren globaal heeft georiënteerd op o.a. de prijzen van hoogslapers. Wanneer de consument op de website van Leen Bakker de advertentie ziet, zonder aanwijzing dat sprake is van een stuntaanbieding of een vergelijkbaar bijzonder aanbod, behoort de consument te weten dat het aanbod niet kan kloppen.

Zelfs als voor de consument niet duidelijk hoeft te zijn dat er sprake is van een vergissing, is er volgens de rechter op zijn minst reden voor twijfel. De consument moet dan nader onderzoek verrichten, bijvoorbeeld via internet of door te bellen naar de klantenservice.

Kortom, er is geen koopovereenkomst tot stand gekomen tussen Leen Bakker en de consument. Er is geen sprake van een geldig aanbod van Leen Bakker en er is evenmin op basis van gerechtvaardigd vertrouwen een koopovereenkomst tot stand gekomen. De vordering tot nakoming wordt afgewezen.


Met dank aan Jesse Vermeij



PAGINA DOORSTUREN

DEZE PAGINA IS SUCCESVOL DOORGESTUURD!

REACTIE (1)

Arno R. Lodder dinsdag 10 oktober 2017 07:16

Er zijn veel zaken geweest, meest bekende Otto, bij hof Den Bosch in 2008, http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2008:BC2420

Leen maakt het niet zo bont als Otto, maar ook hier verbazend dat zo'n prijs er na ontdekking nog 24 uur opstaat. Hierdoor wekt het toch primair de indruk van een reclamestunt, en niet een abusievelijke prijs.

Zie hieronder overr de Otto-zaak, Foute prijs op internet

Het komt vaker voor, foute prijzen op internet. In mei 2014 werd een leaseauto zelfs voor € 0 aangeboden. De bekendste zaak, waar zelfs een gerechtshof zich over heeft gebogen, speelde rond de aanbieding van lcd-tv’s door postorderbedrijf OTTO. Gedurende zeven dagen, aanvankelijk voor een prijs van € 99,90, na drie dagen gewijzigd in een prijs van € 99,00, stond een Philips lcd-tv te koop voor een veel te lage prijs.

Deze zaak kreeg veel aandacht in de media. Het bekende beginsel ‘wat offline geldt, geldt ook online’ lijkt hier door de rechter nadrukkelijk losgelaten. Het is immers niet denkbaar dat een winkelier van een fysieke winkel ongestraft een week lang een verkeerde prijs mag voeren, daarover in de media breeduit vertellen (‘ons prijsbordje klopt niet’) en vervolgens op geen enkele wijze verantwoordelijk wordt gehouden. Toch is dat wat er in deze zaak is gebeurd. Zelfs na zeven dagen vindt de rechter dat een foutieve verkoopprijs niet een geldig aanbod inhoudt, er zou ook dan de mogelijkheid zijn je erop te beroepen dat je voor deze prijs echt niet wilt verkopen.

De rechter gaat eigenlijk gelijk aan het begin in de fout, door het aanbod als ongeldig te kwalificeren:

‘Otto heeft in dat verband genoegzaam aangetoond dat door een fout in haar computersysteem de bij de wandsteun behorende prijs abusievelijk als koopprijs bij de lcd televisie is vermeld.’

Deze constatering is merkwaardig. Eerder in het vonnis is namelijk te lezen:

‘Pogingen daartoe hebben om niet opgehelderde technische redenen gefaald waarbij ongelukkigerwijs wél een aanpassing van de prijs van € 99,90 naar € 99,00 heeft plaatsgevonden.’

OTTO mag zich blijkbaar verschuilen achter niet opgehelderde technische redenen. Het voert voor een kort geding mogelijk te ver, maar iets meer uitleg over de technische redenen waarom het zo lang duurde was wel op zijn plaats geweest. Tijdens een college voor informaticastudenten heb ik me laten vertellen dat het soms enige tijd kan duren voordat een prijswijziging is doorgevoerd, maar nooit meer dan één of twee dagen. Hier had de rechter aandacht aan moeten besteden in de OTTO-zaak, maar deed dit dus niet.

Het leerstuk van oneigenlijke dwaling is van toepassing als een lcd-tv veel te goedkoop wordt aangeboden. Dit houdt in dat verklaring en wil niet overeenstemmen: je zegt het een (tv voor € 99), maar wilt wat anders (tv voor € 700). Maar zoals gezegd, hoe kun je blijven volhouden dat je een verklaring (te lage prijs) niet wil, als deze maar op je website vermeld blijft. Zeker na een week vergaat wat mij betreft dit beroep op oneigenlijke dwaling. Zeker als je uitgebreid in een nationale radio-uitzending als bedrijf aangeeft dat er een foutieve prijs op de site staat en dan pas aan het eind van diezelfde dag (vlak voor 12 uur ’s avonds en duizenden bestelde tv’s later) in staat blijkt de prijs te wijzigen. Hier gaat de rechter helaas helemaal aan voorbij.

Als we ervan uitgaan dat OTTO op enig moment (bijvoorbeeld na een dag of drie, of vanaf de radio-uitzending) zich niet meer kan beroepen op oneigenlijke dwaling, dan is er vanaf dat moment een geldig aanbod. Je kunt niet met droge ogen beweren dat het zes dagen duurt om een prijs te wijzigen, dat is technisch en praktisch gezien niet aannemelijk te maken. Dit betekent dat in de gegeven omstandigheden juridisch gezien het aanbod als in overeenstemming met de wil van de verklaarder moet worden gezien, ongeacht wat hij daar verder over beweert. Het kan natuurlijk allemaal knulligheid zijn, maar ook dat kun je een professioneel bedrijf aanrekenen. Interessant aan deze redenering is dat hierdoor het er niet meer toe doet of de consument al dan niet te goeder trouw was, er wordt immers een geldig aanbod aanvaard. Juridisch is hier geen speld tussen te krijgen, praktisch gezien is het vreemd dat degenen die echt zeker wisten dat de prijs niet klopte de tv voor die te lage prijs zouden moeten krijgen.

De rechter beperkt zich enkel tot de eerste groep afnemers die toevallig op deze wel heel voordelige aanbieding stuitten. Die eerste groep zou zich nog op gerechtvaardigd vertrouwen kunnen beroepen. Dat wordt door de rechter overtuigend weerlegd. Een consument op zoek naar een lcd-tv zal een bepaald idee hebben over welke prijs redelijk is. Als dan vervolgens een tv wordt gevonden van het merk Philips voor een onwaarschijnlijk lage prijs, terwijl niet blijkt dat het om een stuntaanbieding, een prijsknaller of een anderszins ‘bijzonder’ aanbod gaat, dan moet deze consument begrijpen dat sprake is van een vergissing. Daar is weinig op af te dingen.

Het kan ook anders. In Canada bood een vliegtuigmaatschappij tickets naar Hawaii aan voor minder dan $ 100, waar deze normaal bijna het tienvoudige kosten. Wat deed de luchtvaartmaatschappij? De tickets leveren voor de (veel te) lage prijs! Bol.com overkwam in de lente van 2007 hetzelfde, toen een camera van € 350 voor minder dan € 30 werd aangeboden, waarbij bovendien precies werd aangegeven dat dit een korting van 92% betrof. Het bleek lastig de prijs snel te wijzigen, maar na een dag of wat was de juiste prijs weer online. In de tussentijd werd aangegeven dat de camera niet leverbaar was. Aan de consumenten die dachten de camera goedkoop gekocht te hebben gaf bol.com meen ik een tegoedbon. Ook deed bol.com een beroep op haar algemene voorwaarden die aangeven dat hun aanbod geen aanbod is maar slechts een uitnodiging tot het doen van een aanbod. Nu mag je van alles bepalen in algemene voorwaarden, maar niet dat een juridisch geldig aanbod (immers voldoende bepaald en er is geen ruimte voor onderhandelen) GEEN aanbod is.

Over de geldigheid van de overeenkomst wordt onder andere aangevoerd:

‘Otto heeft nota bene en ten overvloede door middel van haar tot tweemaal toe (via internet en e-mail) verzonden opdrachtbevestiging de juistheid van haar eerder gedane aanbod bevestigd alsmede de aanvaarding daarvan door de consumenten.’

Deze redenering klopt niet. De elektronische bevestiging heeft geen constitutieve waarde, maar is een technische bevestiging van het ontvangen aanbod dat er enkel op gericht is aan de afnemer duidelijk te maken dat het aanbod ontvangen is. De betekenis die de consumenten eraan hechten is er niet aan te ontlenen. De overeenkomst is dan immers al tot stand gekomen. Wat juridisch gezien wel gevolgen heeft is het niet zo spoedig mogelijk bevestigen. Zo lang niet bevestigd is, kan ontbonden worden.

EEN REACTIE PLAATSEN

UW E-MAIL ADRES WORDT NIET GETOOND AAN ANDERE BEZOEKERS.

  1. NAAM
  2. E-MAILADRES
  3. BERICHT
  4. WANNEER U DEZE REGEL KUNT LEZEN, VUL HET VOLGENDE VELD DAN NIET IN!
  5.